Threant 2018 nr 4

 

 

DE (BEWONERS) GESCHIEDENIS VAN ALTEVEERSTRAAT 90-92, HOOGEVEEN Ingezonden door: Ronald Wilfred Jansen; email: info@rwj-publishing.nl
Wie op de Alteveerstraat loopt moet goed zoeken om nog iets van een oude gevel te vinden. De arbeiderswoningen, scheepswerven en fabriekshallen die ooit langs het kanaal stonden zijn voorgoed verdwenen. Beton- en hoogbouw domineert tegenwoordig het straatbeeld. Tussen deze ‘witte schimmel’ staat op de Alteveerstraat 90-92 nog een dubbelwoning met op de achtergrond de ‘melkfabriek’, welke herinneren aan weleer. Het is een van de nog resterende woningen in Hoogeveen die dan wel geen officiële monument is,  maar uit architectonisch, historisch en bewoners oogpunt de moeite is om bewaard te worden. Volgens het kadaster is huidige dubbelwoning Alteveerstraat 90-92 in 1915 gebouwd. Op deze plek (nu: Alteveerstraat 90 en 92, Hoogeveen) stond rond 1890 al bebouwing: hiervan heb ik geen bouwtekeningen gevonden. Rond 1900 zag Hoogeveen er heel anders uit. De turf was helemaal afgegraven. Nieuwe industrieën waren in opkomst. In 1895 verscheen de coöperatieve Stoomzuivelfabriek (‘melkfabriek’) opgericht (nu: Alteveerstraat 70, DOC Kaas) op het toneel, hetgeen de bouw van arbeiderswoningen en bedrijfjes stimuleerde.  Door het kanaal (Alteveerse Opgaande) voeren vrachtschepen af en aan. Hoogeveen bleef tot het begin van de 20e eeuw een belangrijk centrum voor de binnenvaart. De eerste bewoners waren getuige van al deze industriële ontwikkelingen. (Mede)eigenaar rond 1900 van de (dubbel) woning (nu locatie: Alteveerstraat 90 en 92, Hoogeveen) was Albert Masselink (1829-1906) (hierna: Albert). Albert werd geboren op 11 september 1829 aan de Molendijk B417 (nu: Schutstraat), Hoogeveen. Hij was hoofdbewoner en als zodanig belastingplichtig. Albert woonde eerst op B22 (Alteveerstraat 92), wat later werd B23 (nu: Alteveerstraat 92). Albert was arbeider en schipper. Hij huwde in 1857 met Annigje Gort (1833-1916) (hierna: Annigje). Annigje werd op 1 januari 1833 geboren aan De Slood B367 (nu: Alteveerstraat, Hoogeveen). Albert en Annigje waren gedoopt en gereformeerd. Ze kregen 8 kinderen, waarvan er een vroegtijdig overleed. Hun kinderen bleven volgens mijn gegevens ongehuwd.  Omstreeks deze periode woonde hier Johannes Eshuis (1865-1938) (hierna: Johannes E), geboren op 3 februari 1865 aan Het Schut B268, Hoogeveen. Johannes E scheidde in 1890 van Roelofje Masselink (1860-1930), dochter van Albert en Annigje. Johannes E. hertrouwde in 1894 met Antje Seinen (1857-1929). Antje kom ik niet als (hoofd) bewoner tegen Albert overleed in 1906. Afb. A In 1912 werd de nieuwe hoofdbewoner van de (dubbel)woning Alteveerstraat 90-92 Johannes van Aalderen (1848-1915) (hierna Johannes). Johannes werd geboren op 4 december 1848 aan De Slood B301 (nu: Alteveerstraat). Johannes was landbouwer/ timmerman en huwde in 1875 met Woltertje Moes (1851-1941).  

Begin Eind Alteveerstraat 90 Alteveerstraat 92     1890 1899 Hendrik H. Mager,  Frens Oljans, Johan Schepers Albert Masselink (18291906),  Johannes Eshuis (18651938) 1899 1909 Johan Schepers Albert Masselink (18291906),  Annigje Gort (18331916) 1912 1913 Johannes van Aalderen (1848-1915) Johannes van Aalderen  (1848-1915) 1913 1916 Annigje Gort (18331916), Johannes Eshuis (1865-1938) 1916 1923 Albert Masselink (18721945),  Johannes Eshuis (18651938) 1929 1935 Jan Hendriks Dekker Albert Masselink (18721945) 1935 Jan H. Dekker, Hendrik Oost, Geertje Smit Albert Masselink (18721945) 1940  Hendrik Oost, Geertje Smit, Weduwe H. Meesters Albert Masselink (18721945) 1941 Hendrik Oost (zie afbeelding N)

1950 1967  Johannes Koops,  Femmie van de Weide 1953  Firma R. van Aalderen [Roelof van Aalderen (1881-1962)] Firma R. van Aalderen [Roelof van Aalderen (1881-1962)] 1956 2007 Roelof en Geziena  (‘Sientje’) Krikken 1957 Grietje Everts 1967 1969 Gerard van de Weide 1968 Jan Hartman Jacob Otten Na 1969 Jacob Everts, Hilbert Krikken, Martin Beekelaar,  Rene Anninga, R.M. Timmer 2008 heden Mirelle Nijenhuis 2012 S. Niphuis 2017 Onbewoond

 

ZOEKPLAATJES Ingezonden door: Jeannette H.E. Brown – Altena, email: prngvdre@gmail.com
In een doos vond ik twee foto’s van onbekende dames. De foto’s zijn genomen door H. Nieweg te Steenwijk. Ze horen mogelijk thuis bij mijn overgrootouders, het duo Pieter Trinks en Maria Martijn. Dit gezin woont rond 1877 in Steenwijkerwold en vertrekt rond 1905 naar Losser (Overijssel). Eén van de dochters van Pieter Trinks is Annigjen Trinks (1885-1969), zij trouwt in 1908 te Losser met Kerst Altena (1884-1963) uit Harlingen (Friesland). Kerst Altena laat een foto maken bij dezelfde fotograaf in Steenwijk waar ook de twee foto’s van de onbekende dames vandaan komen. Misschien horen de foto’s helemaal niet thuis bij de Trinks familie maar juist bij de Altena’s. Het is wel zo dat deze fotograaf bekend was in de noordelijke provincies en overal foto’s maakte. De vraag is: weet iemand wie de dames op de twee foto’s zijn.

REGELS VOOR HET VERNOEMEN
Ingezonden door Harm Hillinga, email: harmhillinga@kpnmail.nl

Vroeger hebben de kinderen meestal dezelfde voornaam als een familielid gekregen. Hierbij een overzicht van de regels die daarvoor in die tijd hebben gegolden.
Het gebeurt hier en daar (gelukkig) nog steeds. Maar vroeger is het algemeen gebruikelijk geweest om kinderen te vernoemen naar familieleden. Dat wil zeggen dat een kind dan dezelfde naam krijgt als een bepaald familielid. Daar hebben vrij strikte regels voor bestaan. Zeker voor de periode vóór 1811 zijn vernoemingspatronen daarom heel belangrijk bij het aantonen van verwantschappen. Weliswaar zijn het slechts gewoonteregels geweest waar regelmatig van afgeweken is, maar de ‘normale’ volgorde van vernoemen is in principe een vaststaand gegeven:

1e zoon > grootvader: vaders vader
2e zoon > grootvader: moeders vader
3e zoon > oom: vaders oudste broer
4e zoon > oom: moeders oudste broer
5e zoon > oom: vaders 2e broer
6e zoon > oom: moeders 2e broer
enz.

1e dochter > grootmoeder: moeders moeder
2e dochter > grootmoeder: vaders moeder
3e dochter > tante: moeders oudste zus
4e dochter > tante: vaders oudste zus
5e dochter > tante: moeders 2e zus
6e dochter > tante: vaders 2e zus
enz.

Bij zonen heeft vaders familie dus voorrang en bij dochters moeders familie.

Het getal 7
In katholieke streken gold dat het 7e kind moet priester worden of het klooster in.
-7 jongens op rij: het peterschap van de Koning kan ingeroepen worden: Septimum consequentur filium
-7 meisjes op rij: het meterschap van de Koningin kan ingeroepen worden. Daarbij het recht om op kosten van de Koning een opleiding te volgen of te studeren.

Brabant/Limburg
7e zoon: krijgt de voornaam Louis of Lodewijk
Aan de zevende zoon worden bijzondere kwaliteiten toegeschreven. Dat heeft te maken met de goddelijke status die de middeleeuwse koningen kennen. Ze worden in staat geacht om bepaalde kwalen te genezen. Een Iers bijgeloof is dat de zevende zoon van een zevende zoon helderziend zal zijn.  

7e dochter: krijgt voornaam Louise

Bijzondere regel:
Een drieling bestaande uit drie jongetjes wordt vernoemd naar de Drie Koningen Caspar, Balthazar en Melchior

 

jw.koten@hccnet.nl