Was Hitlers grootvader toch joods?

Was Hitlers grootvader toch joods.

In deze komkommer tijd lees je vaak sterke verhalen die vermoedelijk op onwaarheid berusten. Een van deze sterke verhalen zou de bewering kunnen zijn dat Hitler voor een kwart Jood was via zijn vaderlijke grootvader.

Sedert vele jaren circuleert het verhaal dat Hitlers grootvader een jood was. Dit berust op een verklaring van Hitlers advocaat Hans Frank, waarvan de betrouwbaarheid in twijfel werd getrokken. Hans Frank zou een correspondentie tussen Maria Anna Schicklgruber – de grootmoeder van Hitler – en een Jood genaamd Frankenberger ontdekt hebben die in Graz woonde. Volgens Frank duidden de brieven erop dat de 19-jarige zoon van Frankenberger Maria Anna had zwanger gemaakt terwijl ze in het huishouden van Frankenberger werkte. Het onwettige kind van de Schickelgruber was verwekt onder voorwaarden die Frankenberger verplicht om alimentatie te betalen. “Frankenberger Sr. stuurde geld voor de ondersteuning van het kind vanaf de kindertijd tot de 14e verjaardag. De motivatie voor de betaling was volgens Frank geen liefdadigheid, maar vooral een bezorgdheid over de betrokkenheid van de autoriteiten: De Jood betaalde zonder een gerechtelijk bevel, omdat hij bezorgd was over het resultaat van een rechtszitting en de daarmee verbonden publiciteit.”

Deze zaak werd ontkend o.a. op grond van het gegeven dat in Graz geen joden zouden zijn geweest ten tijde dat de grootmoeder van Hitler zwanger was geworden.

Dit punt werd in een recente studie in the Journal of European studies door Leonard Sax in twijfel getrokken. Ik citeer hier de samenvatting van dit artikel.

Aus den Gemeinden von Burgenland: De kwestie van de grootvader van Adolf Hitler opnieuw bekeken.
Artikel in Journal of European Studies 49 (2): 004724411983747 · mei 2019

Abstract
Hans Frank was de persoonlijke advocaat van Adolf Hitler. In Frank’s memoires, gepubliceerd zeven jaar na zijn executie in 1946 bij het Internationaal Militair Tribunaal in Neurenberg, beweerde Frank bewijs te hebben gevonden in 1930 dat Hitlers vaderlijke grootvader een Joodse man was die in Graz, Oostenrijk woonde, in het huishouden waar Hitlers grootmoeder werkzaam was. Hedendaagse historici hebben de bewering van Frank grotendeels afgewezen, voornamelijk op grond van het feit dat er naar verluidt geen Joden in Graz woonden in 1836, toen Hitlers vader Alois Schicklgruber werd verwekt. Deze consensus kan worden herleid tot één historicus, Nikolaus von Preradovich, die beweerde dat ‘geen enkele Jood’ (kein einziger Jude) vóór 1856 in Graz woonde. Geen onafhankelijke beurs heeft het vermoeden van Preradovich bevestigd. In dit artikel wordt bewijs gepresenteerd dat er in feite eine kleine, non angesiedelte Gemeinde – ‘een kleine, nu gevestigde gemeenschap’ was – van joden die vóór 1850 in Graz woonden. De hedendaagse consensus over de grootvader van Hitler heeft geen sterke bewijskrachtige basis. Ander bewijs, afkomstig uit eerdere bronnen, suggereert dat de hedendaagse consensus mogelijk onjuist is. Er worden suggesties gedaan voor verder onderzoek die de vraag kunnen verhelderen.

Verdere toelichting: Graz is de tweede stad van Oostenrijk en ligt nabij de grens met Slovenië, een Balkan republiek met een sterk gemengde populatie.

Het Y-DNA van Hitler werd vele jaren geleden onderzocht.
Hitlers Haplogroup is E1b1b. Deze komt in West-Europa minder vaak voor, maar wel in de streek rond Graz en bij de familie van Hitler. Men stelt echter dat deze Haplogroep ook gevonden wordt in het Midden Oosten o.a. bij Asjkenazische Joden. Maar in dit geval is dit zogenaamd bewijs nietszeggend over de afkomst van Hitler. Hitlers afstamming blijft een puzzel. De meest voorkomend lezing is dat Hitlers grootmoeder zwanger was geworden van een jongeman uit haar omgeving.

Van diverse kanten wordt deze visie van Sax nu bestreden. Momenteel krijgt dit verhaal ook in genealogische kringen veel publiciteit. . Ik vermoed dat dit nieuwe verhaal ook weer een komkommerverhaal zal blijken te zijn.