het leven zit

vol verhalen

Feestdagen

De Joodse kalender

is te complex om hier uitvoerig te bespreken. Wie joodse genealogie doet moet er echter kennis van nemen. Gelukkig dat er op internet Joodse kalenders te vinden zijn waarin ook de gewone kalendergegevens zijn opgenomen. In tegenstelling tot de gewone kalender is de Joodse kalender strikt ‘lunair’ (zij volgt de maanstand, de eerste dag van de nieuwe maand begint bij nieuwe maan). Het Joodse jaar heeft dus 354 dagen. Zouden er geen aanpassingen plaatsvinden van de joodse ‘maan’-kalender, dan zouden de ‘zonne’-kalender en de ‘maan’-kalender niet meer sporen, omdat de nieuwjaarsdag dan ieder jaar 11 dagen eerder gaat vallen op onze ‘zonne’kalender. Op gezette tijden wordt daarom een ‘schrikkelmaand’ ingevoerd, globaal om de 3 jaar, volgens een 19-jarige cyclus. De laatste maand van het jaar heet Adar. Wanneer een schrikkelmaand wordt ingevoerd noemt men die extra maand de tweede Adar; deze tweede Adar volgt onmiddellijk na de eerste Adar. Het nieuwe jaar wordt gevierd op 1 tisjri, op Rosj Hasjana, een van de belangrijkste feesten van het jaar, dan verspringt het jaartal. Er is nog een tweede nieuwjaar en dat is het “kerkelijke nieuwjaar” dat Rosj Hasjana (letterlijk rosj=eerste, hasjana = jaar) wanneer men elkaar gelukkig nieuwjaar wenst. Dit Nieuwjaar valt in september/oktober. Vanwege de andere jaarindeling en door het gebruik van een schrikkelmaand is er geen concordantie met onze kalender.

De joodse jaartelling begint bij de schepping, we hadden in 2010 het Joodse jaar 5771. Het is niet ongebruikelijk het millennium cijfer weg te laten omdat dit algemeen bekend wordt geacht. De jaaraangave wordt dan dus 771.

 

Joodse religieuze feesten

Bekende Joodse feesten (GAG) zijn:

Pesach = Pasen (voorjaar) herdenking bevrijding uit Egypte.

Shawoe’oth (= zevenwekenfeest) = Pinksteren, herdenking verkrijging van de wet op de berg Sinaï.

Soekot (loofhutten feest), herinnering aan de tocht door de woestijn.

Nadien nog Simchat Thora (vreugde der wet), wanneer de Thora-rollen feestelijk worden rond gedragen.

Rosj Hasjana (Nieuwjaar) is het belangrijkste feest van de Joodse kalender, men wenst elkaar voorspoed. Dit feest vindt plaats in de 7de joodse maand die in het najaar valt. Jom Kippoer (dag van de verzoening) viert men 8 dagen na Rosj Hasjana). Dit zijn dagen van inkeer en boete.

Chanoeka (het lichtjesfeest in november/december, inwijding van de tempel).

Tisja Be’av = Treurdag om de verwoesting van de Tempel.

En tenslotte Poeriem, een carnavalesk feest in het voorjaar, met als verhaal het boek Esther.

 

Niet religieuze feesten zijn:

Toe Bisjwat = Bomenfeest.

Jom Hasjoa = Holocaust herdenkingsdag.

Jom Ha’atsmoet = Onafhankelijkheidsdag 1948.

Lag Ba’omer = 33e van de Omertijd (tussen pesach en zevenwekenfeest: men herdenkt en rouwt over een massale sterfte van leerlingen in de 2de eeuw).

Jom Jeroesjalaiem = Herinnering Jeruzalem 1967.